|
Splinterhill's en Quoymeasson's
|
|
Splinterhill historie
Thuis hadden wij sinds 1971 een West Highland White Terrier. Een aantal jaren later zag mijn vader op een zebrapad in Wassenaar een donkere Westie in zijn eentje oversteken. Na zoeken in hondenboeken bleek dat de Cairn Terrier te zijn. Kortom: wij wilden graag zo’n donkere Cairn bij onze witte Westie. Een Cairn was in die tijd moeilijk te krijgen en na lang zoeken kwamen we een rode Cairn op het spoor. Dat werd Pippeloen van Herderswiekhof, geboren in januari 1975. Pippeloen was gefokt door mevrouw A.A. Denee-van Dompselaar in Hierden en dit was haar laatste nest. Toen wij in maart 1975 Pippeloen kwamen halen waren alle Herderswiekhof Cairn Terriers al verhuisd naar Will (Smits-)van Exter in Friesland en vormden daar de basis voor de Tjongervallei Cairn Terriers. Een rode Cairn was natuurlijk erg leuk, maar de wens naar een hele donkere bleef en zo deed eind 1976 Ariste von den Erftpiraten uit Duitsland haar intrede. Het eerste nest fokte ik in 1977, samen met mijn moeder, uit Pippeloen van Herderswiekhof en Zorroh van Herderswiekhof. Uit dit nest bleef Splinterhill’s Alusha. Alusha werd later de moeder van Nederlands en Internationaal Kampioen Splinterhill’s Kind of Wisdom, Belgisch, Luxemburgs, Frans, Duits en VDH Kampioen, KfT-Jugend Champion, Bundesjugendsieger 1986, Bundessieger 1988. Met Jumbo zijn we half Europa rondgereisd, van Denemarken tot Portugal. Uiteindelijk heeft hij 27 CAC’s gewonnen in 6 verschillende landen. De vader van Jumbo was Engels Kampioen Bankfoot Devoran. Thuis heette hij Devildog. Een van de meest indrukwekkende honden, die ik ooit gezien heb en zeer gespecialiseerd in het uitbreken uit zijn kennel.
Yvo’s ouders waren destijds ook erg actief op het Cairn Terrier front. Zijn moeder fokte jarenlang met regelmaat nesten Cairn Terriers onder de kennelnaam Clanmacq-Ick’s. De honden, waar zij mee begon, kwamen uit de bekende Avenelhouse kennels van mrs H. Small en de Uniquecottage kennels van mrs J.G. Parker Tucker. Ook Yvo kreeg een eigen Cairn, Avenelhouse Golden Pipit. Zowel met Pipit als met haar dochter Tulah werden een aantal nesten gefokt. Van Yvo’s moeder kreeg ik in 1978 Clanmacq-Ick’s Squirrel. Squirrel was de dochter van Redletter Master Mind en Engels Kampioen Redletter Miss World. Redletter Cairn Terriers vond ik altijd prachtige Cairns, dus ik was daar erg blij mee! Om in dezelfde lijn door te kunnen gaan importeerden we in 1984 Twinlaw Spring Moon, een blonde teef uit het laatste nest dat mrs Alice Henderson, de partner van mr Bradshaw (Redletter), fokte met de honden van Mr Bradshaw. Helaas is het, ondanks grote inspanningen, nooit gelukt om met Spring Moon een nest te fokken.
Toen onze kinderen klein waren kwam het showen en fokken op een wat lager pitje te staan, maar uiteindelijk kwam in 1992 toch een leuke donkere teef van 6 maanden oud uit Engeland naar ons toe. Haar naam was Uniquecottage Charcoal. Ruim een jaar later kwam er een rode reu bij, Uniquecottage Gold Badge. Uit het laatste nest van deze twee Cairn Terriers bleef de enige pup uit dit nest: Quoymeasson’s Quicksilver en daar zijn we mee verder gegaan. Van Quicksilver hielden we twee dochters, Lest Best en Quintessence. In 2004 kochten we Ol’Kyarnrowen’s Kind of Magic van Gerrie Bathoorn en met haar kwamen de ondeugende streken ons huis weer binnen! Ook haar nazaten, en dan vooral Gail (Splinterhill’s Zest for Life) en Dutch (Splinterhill’s Dutch Gold) zijn experts in het bedenken van kattenkwaad!
|